Tijn's Verhalenhuis
Illustratie bij het verhaal "Het verhaal dat niet af wilde"

Het verhaal dat niet af wilde

geschreven door Op Jan met een klein beetje AI

🔊 Laat het verhaal voorlezen

Durf je het in het donker te luisteren?

Tijn was tien jaar en dol op horrorverhalen. Terwijl andere kinderen voor het slapengaan strips lazen, zat Tijn achter zijn bureau met een schrift vol enge verhalen. Hij schreef over monsters onder bedden, geesten op zolders en huizen waar niemand levend uit kwam.

Omdat hij niet kon slapen, was hij op een keer op zijn kamer bezig met een nieuw horrorverhaal, toen hij achter zich een stem hoorde die fluisterde: “Schrijf mij ook in je verhaal”

Tijn grinnikte. “Lekker eng,” mompelde hij en hij schreef verder aan zijn verhaal. Toen hoorde hij achter zich fluisteren: “De jongen keert zich om, maar er was niemand”

Precies op dat moment kraakte de vloer achter hem. Tijn stopte met schrijven en keek langzaam over zijn schouder. Zijn slaapkamerdeur stond open. De gang erachter was donker.

“Papa?” riep hij. Geen antwoord. Tijn draaide zich weer om naar zijn bureau en zag iets vreemds. Onder de laatste zin stond een nieuwe zin. Die had hij niet geschreven. “KIJK ACHTER JE”

Tijn voelde een koude rilling over zijn rug lopen. “Dit is niet grappig” fluisterde hij.

Hij pakte zijn pen en kraste de vreemde zin door. Daarna schreef hij: De jongen besloot naar beneden te gaan om zijn ouders te waarschuwen.

Opnieuw verscheen er een nieuwe zin. “DAT KAN HIJ NIET.”

Tijn liet zijn pen vallen. Vanuit de gang klonk een zacht geluid. Tik …., Tik ….., Tik ……, alsof iemand tegen de deur aantikte.

Tijn durfde nauwelijks ademen te halen. Toen klonk er een stem. Zijn eigen stem: “verder, Tijn.” Hij sprong van zijn stoel: “Wie ben je?”. Er kwam geen antwoord.

Op zijn bureau begon het schrift vanzelf te bladeren. De bladzijden sloegen razendsnel om, totdat het schrift op een lege pagina stopte.

Langzaam verschenen er letters: “IK BEN HET EINDE VAN JOUW VERHAAL”.

Tijn rende naar de deur, maar voordat hij hem kon bereiken, sloeg de deur met een harde klap dicht. Hij trok aan de klink. Op slot. “PAPA” riep hij. Geen antwoord. Hij keek naar zijn schrift en daar stond: “Tijn draait zich om”. Tijn schudde zijn hoofd: “Nee”. De volgende zin verscheen: “Tijn draait zich toch om”. Tijn sloot zijn ogen. Achter hem hoorde hij ademhalen, heel langzaam, heel dichtbij. Hij wilde niet kijken. Toen voelde hij een koude hand op zijn schouder. Tijn draaide zich om. Zijn kamer was leeg. De deur stond weer open.

Toen hij zich terugdraaide zag hij zijn eigen spiegelbeeld in het donkere glas van het raam. En achter zijn spiegelbeeld stond een lange magere gestalte. Hij draaide zich razendsnel om, maar er stond niemand. Toen hij zich terugdraaide en weer naar het raam keek, glimlachte zijn spiegelbeeld.

Toen schrok hij wakker. Hij was boven zijn schrift met horrorverhalen in slaap gevallen.

Geef sterren

5,0 van 5 · 6 stemmen